Achtergrondartikel

Data WK Atletiek interessant voor toekomstig talent

Pieter van der Meer

07-08-2017

Tijdens het WK Atletiek in Londen deze week wordt ook data verzameld van de Nederlandse atleten. Met de analyses die de Brit Paul Brice, embedded scientist van de Atletiekunie, ter plekke doet, kunnen atleten in hun wedstrijd nog gestuurd worden. Ook voor de toekomst is data van atleten die in hun beste vorm verkeren interessant.

In de voorbereiding werden de Nederlandse atleten al uitvoerig geanalyseerd. Al die data van bijvoorbeeld de eerste passen van Dafne Schippers bij een start of de gesprongen afstand van een verspringer wordt verzameld in het Sprintdashboard. Die data is interessant om vlak voor een groot toernooi de puntjes op de i te zetten. Later kan dat ook nog van pas komen, zegt embedded scientist Sam Ballak van Sportcentrum Papendal. "Dafne Schippers is nu helemaal topfit. De data die we nu verzamelen tijdens de training kun je later weer gebruiken. Mocht ze straks weer in opbouw zijn dan kun je dat vergelijken met de data van de opbouw voor dit WK."

Data bundelen

Tijdens het WK zit de Brit Paul Brice op de tribune om de race van Schippers te analyseren. Die data is ook voor de toekomst weer bruikbaar. "De data van de wedstrijden zijn nog beter dan alle trainingsdata, want daar zijn ze 100 % fit en staan ze onder spanning." Het verzamelen van die data kan volgens Ballak voor de toekomst erg bepalend worden, omdat er veel informatie uit te halen valt. Samen met de Atletiekunie wordt daarom nu gekeken naar de vraag hoe die data van de topatleten het beste gebundeld kan worden.

Talentherkenning

Voor talentcoaches in de atletiek kan dat ook nuttig zijn, zegt Ballak. "Als een 16-jarige binnenkomt als talent dan wil je weten wat hij of zij zou moeten kunnen. Dat moet je uit de data die wij verzamelen kunnen halen. Wij hebben al van een paar jaar data, daar moet je op een gegeven moment een ontwikkeling in kunnen zien. Je moet echt weten waar je naar gaat kijken. Welke factoren zijn van belang? Die moet je in een database hebben."

"De data van de wedstrijden zijn nog beter dan alle trainingsdata, want daar zijn ze 100 % fit en staan ze onder spanning." - Sam Ballak (Embedded scientist Sportcentrum Papendal)

Ballak denkt dat het data-project nog veel tijd gaat kosten. "Maar als dat eenmaal staat, dan hebben we echt een schat. Dat zouden we dan ook kunnen gebruiken richting toppers en talentherkenning. Dan kun je vragen wat is jouw benchmark en waar moet je naartoe? Dan heb je daar een veel helderder beeld van."

Testbatterijen

In andere sporten wordt op Papendal ook gewerkt aan het verzamelen van data om de ontwikkeling in kaart te brengen. "Binnen sporten als volleybal, handbal en rolstoelbasketbal meten we drie tot vier keer per jaar door middel van sportspecifieke testbatterijen de fysieke ontwikkeling van sporters. Daarbij meten we de belangrijkste parameters bijvoorbeeld door middel van sprintjes, een sprongtest, motoriek- en conditietesten. Dat volg je dan over de periode dat ze hier op Papendal zijn. Bij de Nederlands volleybaltalentteams doen we dat al vier jaar. Dat is nu een mooie dataset, waar je wel een ontwikkeling in kunt zien. Dat is opgezet in samenwerking met de HAN als kennispartner."

Lees ook:

Meer info:

Gerelateerde Artikelen

Gerelateerde Organisaties

Gerelateerde Projecten